NHG neemt voortouw om toekomstrichting praktijkvoering huisartsenzorg op papier te zetten
(HuisartsVandaag) De huisartsenzorg staat onder hoge druk en op vele schaakborden wordt gezocht naar passende oplossingen, bijvoorbeeld door betere en andere samenwerkingsvormen met andere zorgaanbieders en overheidsinstanties. Dat zijn ook de oplossingen die vanuit het ministerie van VWS en het Integraal Zorgakkoord worden bedacht waarbij de huisartsen eigenlijk geen grote regierol hebben of hebben opgeëist. Voor de oplossing van hun problemen zijn huisartsen dan ook grotendeels afhankelijk van de samenwerking en bereidwilligheid van derden.
Als belangrijkste belangenbehartiger van de huisartsen heeft de LHV tot nu toe geen al te stevige rol opgeëist om de grenzen van de toekomstige huisartsenzorg scherp te omkaderen. Opvallend is dan ook dat het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), vooral bekend om haar standaarden en richtlijnen en het wetenschappelijk onderzoek in de huisartsenzorg, wel een scherpe visie op de toekomst van de huisartsenzorg heeft neergelegd en in feite de LHV hierin passeert. De werkgroep ‘Toekomstbestendige organisatie van huisartsenzorg’ heeft namelijk in opdracht van de NHG onderzoek gedaan naar oplossingsrichtingen om de problemen en knelpunten van de huidige huisartsenzorg te kunnen attaqueren. Over die oplossingen stelt de werkgroep in haar rapport dat ‘de aantasting van de kernwaarden van de huisartsenzorg beperkt kan blijven, hoewel deze oplossing in de praktijk wel ten koste kan gaan van de persoonlijke continuïteit en integraliteit.’
Zes oplossingsrichtingen
De werkgroep komt uiteindelijk tot zes oplossingsrichtingen.
- Digitale triage staat centraal als eerste oplossing. Het kan de werkdruk verlagen, de eigen regie bij patiënten ondersteunen en patiënten beter de weg wijzen in het zorglandschap. De beroepsgroep moet daarvoor wel meer het initiatief krijgen en nemen.
- Regionale verantwoordelijkheid voor de continuïteit en ondersteuning van de huisartsenzorg kan volgens de wekgroep als oplossing twee de kernwaarden van de huisarts ondersteunen, bestaande praktijkhouders ontlasten en kansen bieden voor nieuwe praktijkhouders.
- Oplossing drie gaat uit van samenwerking en gezamenlijke verantwoordelijkheden binnen de trias huisarts, wijkverpleegkundige zorg en algemeen maatschappelijk werk.
- Oplossing vier omvat een taakherschikking naar de apotheker voor medicatiebewaking. Volgens de werkgroep gaat dit niet ten koste van de kernwaarden van de huisarts en is ook goed uitvoerbaar.
- De zorg voor chronische, niet-complexe patiënten op regionaal niveau buiten de huisartsenpraktijk te organiseren ziet de werkgroep als vijfde oplossing. De werkdruk kan hierdoor nadrukkelijk afnemen. De aantasting van de kernwaarden kan hierbij beperkt blijven, hoewel deze oplossing in de praktijk wel ten koste kan gaan van de persoonlijke continuïteit en integraliteit.
- De potentie van Thuisarts.nl verder ontwikkelen ziet de werkgroep tenslotte als zesde oplossingsrichting.