Nieuws

‹ vorige Terug naar lijst ^ volgende ›

  • Opinie Wolter Paans

    Opinie Wolter Paans

    HuisartsenService, 16 juli 2019

    Een vaste betrokkenheid van de verpleegkundig specialist bij toegepast wetenschappelijk onderzoek: een werklastverzwaring of juist een welkome verlichting?    Cardiologische kennis voortspruitend uit de wetenschap is al lang niet meer alleen ontstaan uit en bestemd voor cardiologen, (huis)artsen of onderzoekers. In toenemende mate zijn het ook andere zorgprofessionals, zoals verpleegkundigen en verpleegkundig specialisten, die onderzoek opzetten en er hun voordeel mee doen. Het levert onderzoeksresultaten op die ook steeds vaker praktisch inzichtelijk en begrijpelijk gemaakt worden voor patiënten die, met hun directe naasten, dan ook steeds beter geïnformeerd worden over gevalideerde diagnostische mogelijkheden en betrouwbare interventies die beschikbaar zijn. 

‘MEESTER IN DE WETENSCHAP’

De implementatie van methoden en technieken in de verschillende opleidingscurricula om te komen tot ‘evidence based practice,’ heeft er toe geleid dat zorgprofessionals ook in toenemende mate gebruik maken van databases met zoekrobotten als ‘Pubmed/ Medline’, ‘The Database of Abstracts of Reviews of Effects’ (DARE), ‘The Cochrane Library’ en ‘The IEEE digital library’ (IEEE: specifiek voor de geïnteresseerden in technologische innovaties in de zorg (https://ieeexplore.ieee.org/Xplore/home.jsp). Zeker ook verpleegkundig specialisten worden geacht de verantwoordelijkheid te nemen ‘evidence based’ te handelen en, op basis van de beschikbare literatuur, protocollen binnen het eigen specialisme up to date te houden. Dit is eigenlijk ook niet te veel gevraagd als je ervan uitgaat dat een verpleegkundig specialist zelfstandig vormgeeft aan het zorgproces van een bepaalde patiëntenpopulatie en met patiënten een zelfstandige behandelrelatie aangaat. Onder bepaalde voorwaarden is de verpleegkundig specialist wettelijk bevoegd tot het zelfstandig indiceren en uitvoeren van voorbehouden handelingen, waaronder ook het voorschrijven van geneesmiddelen. Dan is het ook aannemelijk dat de verpleegkundig specialist als ‘Master of Science’ (MSc.), NLQF-niveau 7 en BIG-geregistreerd op grond van zowel artikel 3 (verpleegkundige) als artikel 14 (specialistenregister), de beste beschikbare behandeling op basis van het beste beschikbare bewijs voorschrijft. 

BREED TAKENPAKKET

Het bijhouden van het eigen vakgebied, vanuit de eigen (verpleegkundige, specialistische) discipline is een serieuze zaak, zeker als je kijkt naar de veelzijdigheid van deze functie. Zo heeft bijvoorbeeld de verpleegkundig specialist Cardiologie vaak een belangrijke taak bij hartkatheterisaties, pacemakers, cardioversies, de coördinatie van de zorg op de verpleegafdeling en bij de overdracht naar andere echelons in de keten. Daarnaast is de verpleegkundig specialist vaak werkzaam bij specialistische poliklinieken (zoals ‘Eerste Hart Hulp’, ‘Polikliniek Boezemfibrilleren’ en dergelijke). Maar ook kwaliteitsverbetering (van bijvoorbeeld voorlichtingsmateriaal), scholing en deskundigheidsbevordering, (bijvoorbeeld van verpleegkundigen, arts-assistenten, coassistenten en paramedici), valt binnen het functieprofiel van de verpleegkundig specialist. 

 

De verpleegkundig specialist richt zich op de gevolgen van de ziekte en op de ziekte zelf.

 

Algemene taken die binnen het takenpakket van de verpleegkundig specialist vallen en die gerelateerd zijn aan de gevolgen van de ziekte: 

  • Bevorderen van gezondheid (eigen regie en kwaliteit van gezondheid). 
  • Opstellen van een verpleegkundig zorgplan. 
  • Voorkomen van ziekten (preventie). 
  • Herstellen van gezondheid. 
  • Verlichten van het lijden. 

Een verpleegkundig specialist voert daarbij diagnostiek en interventies uit die gericht is op de ziekte zelf. Enkele voorbeelden: 

  • Afnemen van de medische anamnese en de oorzaak van symptomen analyseren (diagnosticeren) en het voorschrijven van medicatie, of medicatievoorschriften aanpassen. (Bijvoorbeeld bij pijn op de borst, hartritmestoornissen, ‘onwelwording’, kortademigheid en hoge bloeddruk). 
  • Verpleegkundig specialist in ‘zaalartsfunctie’. 
  • Houden van spreekuren binnen het medische verantwoordelijkheidsgebied. 
  • Verrichten van lichamelijk onderzoek (zoals elektrocardiogram, echocardiogram, ergometrie, bloedonderzoek). 
  • Interpreteren van medisch-diagnostische uitslagen.
  • Opstellen van een medisch- en verpleegkundig behandelplan. 
  • Uitvoeren van medisch voorbehouden handelingen zoals een cardioversie.
  • Consulten op verpleegafdelingen in het ziekenhuis.
  • Het opstellen van revalidatieplannen en het begeleiden van (groeps)revalidatie.
  • Het inzetten van ‘thuismeetapparatuur’ (Quantified-Self technieken) als monitorings- instrument. Al valt er op dit vlak nog wel wat in de richting van verder onderzoek naar de validiteit en betrouwbaarheid te ondernemen, zo blijkt uit het literatuuroverzicht onder de titel: ‘Data- management and wearables in older adults: A systematic review’. (Maturitas. 2019 Mar 18. pii: S0378-5122(19)30112-4. doi: 10.1016/j.maturitas. 2019.03.012.) Zie voor gerelateerde informatie ook: https://www.youtube.com/ watch?v=nRQB5HsCTdo/ & https://hartlongcentrum.nl/informatie-voor-patienten/the-box/ 

ul.ul1 {list-style-type: disc}

Daarbij staat de technologische ontwikkeling natuurlijk niet stil. Er zijn inmiddels meer dan 35.000 ‘gezondheidsapps’ te downloaden, waarvan een substantieel deel gerelateerd is aan het meten van ondermeer de vitale functies, aangevuld met bijvoorbeeld hartritmeafleidingen. Aan deze ontwikkeling lijkt voorlopig nog geen eind gekomen, zoals blijkt uit het recente artikel onder de titel: ‘A smartphone-assisted pressure-measu-ring-based diagnosis system for acute myocardial infarction diagnosis. Int J Nanomedicine. 2019 Apr 8;14:2451-2464. doi: 10.2147/IJN. S197541. eCollection 2019. 

FOCUS OP EEN (INTER)NATIONALE ONDERZOEKSAGENDA

Het zal voor de individuele verpleegkundig specialist onmogelijk zijn de gehele breedheid van het eigen vakgebied bij te houden. Vandaar dat verschillende verpleegkundig specialisten zich dan ook hebben verenigd in diverse onderzoeksgroepen waar zij, in afstemming met andere disciplines, in een nationaal en internationaal verband proberen te komen tot een uitgebalanceerde onderzoeksagenda met een prioritering om de belangrijkste resultaten van het onderzoek te kunnen implementeren in de eigen klinische praktijk. Het zou mooi zijn als iedere verpleegkundig specialist de mogelijkheid zou krijgen zich aan te sluiten bij minstens een van dergelijke onderzoeksgroepen als onderdeel van zijn of haar praktijkvoering. Helaas is dat nog lang niet overal het geval en is in veel gevallen het bijhouden van de relevante, recente wetenschappelijke literatuur en het implementeren van innovaties op basis van onderzoeksresultaten nog vaak het stiefkindje van de dagelijkse praktijkvoering. Het is niet alleen belangrijk voor de patiënt dat dit onder de aandacht komt bij de verschillende maatschappen en specialismen, maar het zal het vak van verpleegkundig specialist ook verrijken. Niet om nog meer taken te moeten ondernemen, maar vooral ook om accurater en efficiënter te kunnen werken met patiënten die door nieuwe technieken eerder de eigen regie weer kunnen nemen; kortom, op termijn verlicht het de verpleegkundig specialist in meerdere betekenissen. 

 

Dr. Wolter Paans
Lector Verpleegkundige Diagnostiek Hanzehogeschool, Groningen.