Nieuws

‹ vorige Terug naar lijst ^ volgende ›

  • HARTZORG BIJ DE HUISARTS

    HARTZORG BIJ DE HUISARTS

    HuisartsenService, 23 juli 2019

    Van oudsher is het de cardioloog die de hartpatiënt behandelt. Echter, de afgelopen tien à vijftien jaar is steeds meer hartzorg naar de huisarts toegeschoven, dan wel getrokken. Anno 2019 zijn in het land diverse hybride samenwerkingsverbanden ontstaan, waarin huisartsen en hun zorgcentra een even grote rol hebben als specialisten in de ziekenhuizen en op die manier lijkt de hartzorg en ultieme tussenvorm gevonden te hebben, waar de patiënt het meest bij gebaat is.    Hoe dan ook zijn de tijden veranderd. Begin dit jaar maakte de Hartstichting bekend dat steeds minder Nederlanders komen te overlijden door hart- en vaatziekten. Het sterftecijfer is sinds 1980 met 70 procent gedaald voor mannen, bij vrouwen is dat 61 procent. In 2017 zijn ruim 38.000 Nederlanders overleden aan de gevolgen van hart- en vaatziekten. Hier is het aantal vrouwen (20.000) hoger dan het aantal mannen (18.000), waarbij vrouwen gemiddeld vaker te kampen krijgen met een beroerte en hartfalen, waar mannen overlijden aan een acuut hartinfarct. 

SNELLERE GROEI

Dat het aantal doden met zo’n zestig tot zeventig procent afneemt, betekent niet dat hartproblemen ineens de wereld uit zijn. Dit heeft vooral te maken met onder meer verbeterde zorg, een hoger bewustzijn van de risico’s van overgewicht en een slechte levensstijl en anderzijds een hogere kennisgraad op het gebied van reanimatie. Hier staat echter tegenover dat het aantal mensen dat aan een chronische hart- of vaatziekte lijdt toeneemt en dat dit harder gaat dan voorspeld. In 2015 voorspelde het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu dat het aantal chronische hart- en vaatpatiënten rond 2040 tot 1,4 miljoen zou zijn gestegen. Volgens de cijfers van de Hartstichting telt Nederland op dit moment echter al zo’n 1,4 miljoen chronische hartpatiënten. Hierbij is het opvallend dat het aantal mannen met 725.000 hoger is dan het aantal vrouwen (675.000), waar die laatste groep er dus wel vaker aan overlijdt. De Hartstichting verwacht dat tegen 2030 al de 1,9 miljoen patiënten wordt bereikt. Een op de zeven Nederlanders dus, in een sneller tempo dan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft voorspeld. Dit heeft voor een groot deel met vergrijzing te maken. Het risico op hart- en vaatziekten stijgt met het ouder worden. Maar ook nog steeds met levensstijl. Roken en hoge bloeddruk zijn boosdoeners. Ook mensen met hoog cholesterol lopen meer risico op het ontwikkelen van hartklachten. 

ONDERHOUD MET CARDIOLOOG

Dergelijke aantallen patiënten zijn niet (meer) te behappen voor alleen de tweedelijnszorg en steeds vaker zien we hybride zorgvormen ontstaan. Normaliter worden patiënten met pijn op de borst, hartruis of –kloppingen al goed gezien en geholpen door de huisarts. Omdat deze echter geen expert is, worden patiënten bij twijfel regelmatig voor de zekerheid doorgestuurd naar een cardioloog. In Den Haag loopt een pilot waarin het anders wordt opgelost. Binnen de pilot bezoekt een cardioloog van Haaglanden Medisch Centrum maandelijks een huisarts om daarmee onderhoud te hebben. De proef is vorig jaar gestart met een vijftal deelnemende huisartspraktijken en loopt nog twee jaar en is een samenwerking van HMC met Arts en Zorg, Huisartsen Kring Haaglanden, Stichting Haagse Gezondheidscentra, CZ en Menzis. Inmiddels doen twintig huisartsenpraktijken mee en hebben meer praktijken zich aangemeld. “In deze pilot kunnen we voor de patiënten waar we over twijfelen een echo, fietstest, 24-uurs-ECG en CT-scan aanvragen. Dit is sneller geregeld dan een afspraak bij de cardioloog”, zo zegt huisarts Carolien Emmens van de deelnemende Haagse praktijk Mozaïek op de website van het ziekenhuis. “Een keer per maand bespreken we met de cardioloog de onderzoeksuitslagen en bepalen we welke patiënt bij ons kan blijven en welke we doorverwijzen. Dankzij deze besprekingen leren wij bovendien de gedachtegang van de cardioloog beter begrijpen.” 

KENNIS DELEN

Cardioloog Bas van der Hoeven, een van de initiatiefnemers van de pilot, zegt te merken dat zeker de helft van de patiënten onder behandeling van de huisarts kan blijven. Omdat meerdere huisartsen bij het overleg aanwezig zijn, wordt de opgedane kennis ook direct met elkaar gedeeld, met als mogelijk gevolg dat patiënten in de toekomst na behandeling van de cardioloog ook sneller terug kunnen naar de eerstelijns. “Zo kunnen wij ons concentreren op patiënten die meer specialistische cardiologische zorg nodig hebben. Bijkomend voordeel is dat huisartsen en cardiologen elkaar beter leren begrijpen en het contact laagdrempelig wordt. Daardoor kunnen we straks overleggen op afstand, bijvoorbeeld met beeldbellen.” Uit de resultaten blijkt dat het maandelijks bezoek van de cardioloog aan de huisarts, het aantal patiënten met hartproblemen dat door de huisarts naar de cardioloog wordt doorgestuurd met de helft vermindert. 

MISVERSTANDEN BEPERKEN

In Noord-Brabant is op een andere manier een samenwerking opgezet. Ziekenhuis Bernhoven (dat de regio Oss-Uden-Veghel bedient) en Zorggroep Synchroon (de samenwerkingsorganisatie van huisartsen die zich inzet voor het bieden van de best mogelijk zorg voor chronisch zieken), beschikken sinds begin dit jaar over een gedeeld dossier voor patiënten met hartfalen. Doordat huisarts, specialist en verpleegkundigen allemaal in hetzelfde systeem werken, wordt vertraging door verwijzing en gegevensoverdracht voorkomen en wordt de kans op misverstanden beperkt tot een minimum. ‘’Hierdoor staat niet het verwijsproces centraal, maar dat wat de patiënt nodig heeft’’, aldus Frank van Summeren, projectleider eHealth bij zorggroep Synchroon. “De zorg wordt op die manier georganiseerd rondom degene die zorg vraagt, in plaats van degene die zorg verleent.” 

BLOEDDRUK METEN

Het meten van bloeddruk wordt momenteel flink onder de aandacht gebracht. Veel Nederlanders weten niet dat ze een hoge bloeddruk hebben. Als de helft van de Nederlanders een gezondere bloeddruk weet te bereiken en behouden, kan dat in 2030 bijna 100.000 hart- en vaatpatiënten schelen, zo stelt de Hartstichting. Met een nieuwe publiekscampagne, waarvoor van 27 mei tot en met 8 juni op veel openbare plekken gratis meetlocaties zijn ingericht, heeft de Hartstichting mensen vanaf 40 jaar opgeroepen om hun bloeddruk regelmatig te meten, ook als zij zich gezond voelen. In Alphen aan de Rijn liep in de periode 2017-2018 een pilot waarbinnen tachtig patiënten van huisartsenpraktijk Dillenburg thuis vier keer per jaar zelf hun bloeddruk hebben gemeten en via een app door hebben gegeven aan hun arts. Daardoor hoefden zij de huisarts nog maar eenmaal per jaar te zien en waren ze meer betrokken bij hun eigen bloeddruk en gezondheid. Het verder betrekken van de patiënt wordt ook de volgende fase bij Synchroon, zo zegt Van Summeren op VitalBlog. “De hartfalenpatiënt is dan beter geïnformeerd en kan daardoor samen met behandelaars bepalen wat de best passende behandeling is en haalbare doelen stellen. Daarnaast gaan we gebruik maken van telemonitoring, zodat patiënten thuis kunnen meten en minder vaak naar het ziekenhuis of de huisarts hoeven. Zorgverleners zien op afstand hoe het gaat en kunnen ingrijpen bij bijzonderheden.” 

ZORGPADEN

Onderwijl worden ook in het noorden van het land stappen gezet. Daar is het samenwerkingsverband HartNet Noord-Nederland gestart. Martini Ziekenhuis, het Ommelander Ziekenhuis Groningen, het Wilhelmina Ziekenhuis Assen, Universitair Medisch Centrum Groningen en Treant Zoeggroep zijn partners in het samenwerkingsverband, Groninger Huisartsencoöperatie en Huisartsen Zorg Drenthe, Zorgbelang Groningen, Zorg- belang Drenthe en Harteraad en Menzis en Zilveren Kruis hebben hun steun aan HartNet Noord-Nederland schriftelijk verklaard. Het doel van de samenwerkende ziekenhuizen en huisartsen in HartNet Noord-Nederland is om hartpatiënten in Groningen en Drenthe de beste hartzorg te bieden. Als het kan krijgen patiënten hun hartzorg zo dicht mogelijk bij huis: bij de eigen huisarts of het dichtstbijzijnde ziekenhuis. Inmiddels zijn voor twee veel voorkomende behandelingen gezamenlijke zorgpaden opgesteld. De komende tijd gaan de samenwerkingspartners van HartNet meer afspraken maken. Niet alleen met elkaar maar ook met de huisartsen in Drenthe en Groningen. Samen met huisartsen en patiënten worden regionale zorgpaden ontwikkeld voor alle grote groepen hart- en vaatziekten. Dit bestaat al voor boezem brilleren maar volgt ook voor kransslagaderziekten en hartfalen. Het streven van HartNet is om hartzorg zo dicht mogelijk bij huis te leveren, en alleen als het echt moet in het ziekenhuis. 

KLEIN STARTEN

Het zijn slechts enkele voorbeelden van samenwerkingen waarbij de grens tussen eerste en tweedelijn vervaagt en waarbinnen de huisartsen een belangrijke rol zijn gaan spelen op het gebied van hartzorg. Maar het kan natuurlijk ook kleiner en op lokale schaal binnen de eigen praktijk en uiteraard geeft HuisartsenService u daarbij ondersteuning indien gewenst. Zo biedt HuisartsenService bijvoorbeeld momenteel een gratis proef aan met de CNOGA-VSM, een nieuw meetapparaat dat heel eenvoudig klachten rondom het hart detecteert. Door middel van een non-in-vasieve meting via de vingertop verkrijgt u binnen enkele seconden zes verschillende biologische parameters op het gebied van onder meer bloeddruk, hartslag en saturatie van uw patiënt. Verder zijn medische gegevens realtime te controleren via de website en zijn rapportages terug te vinden via de applicatie. U kunt dit apparaatje nu tijdelijk gratis en vrijblijvend twee weken testen in uw praktijk. Ook is HuisartsenService een project gestart starten met als doel om de CVRM-zorg te verbeteren en te optimaliseren. Dat geeft inzicht in de huidige kwaliteit en organisatie van CVRM-zorg in de huisartsenpraktijk. De QuickScan CVRM – online op onze website te vinden en in te vullen – geeft u inzicht in hoe de huisartsenpraktijk en de CVRM-zorg zijn georganiseerd, hoe de kwaliteit gemeten en gewaarborgd wordt en welke kennis u al in huis heeft en waar specifiek behoefte aan is. Het is een zekerheid dat de eerstelijnszorg, in welke vorm dan ook, de komende jaren meer en meer te maken gaat krijgen met hartpatiënten. Hoe we daarmee omgaan, is aan een ieder op zich. Maar dat we hiervoor klaar moeten zijn is evident. HuisartsenService helpt daar graag bij.